E-politiek
Van december 2009 tot februari 2010 liep in de regio Kortrijk de cursus e-politiek, waarbij lokale politici de kans kregen om zich online tools eigen te maken, samen met de gebruikscodes. Op basis van deze cursus schreven Peter Hautekiet (V-ICT-OR) en Bart Noels (Leiedal) de volgende conclusies.
E-politiek: kaars en bril
Over online interactie, lokale politiek en participatie
Hoe gaan lokale politici om met online interactie? Hoe kunnen nieuwe media bijdragen tot een betere participatie aan het lokale politieke debat? Op basis van een onderzoek en een experiment in de regio Kortrijk geven de auteurs van dit artikel een stand van zaken. Peter Hautekiet en Bart Noels geven zeven tips voor de beginnende e-politicus.
Vlaamse en federale parlementsleden sturen persberichten. Op Facebook plaatsen ze het relaas van hun laatste bezoek, of brengen hun laatste inzicht of een flard opinie. Bloggend verkondigen ze hun mening. De EU president schrijft zelfs korte gedichtjes. Online boodschappen zijn universeel geworden bij de vertegenwoordigers van de wetgevende macht.
En de media spelen er gretig op in. De veel gelezen kleine kolommetjes van de kranten staan steevast gevuld met fratsen, lukraak geplukt van het web. Maar ook voor het ernstige werk is het web een dagelijks instrument. Standpunten krijgen commentaren. Persberichten worden tweerichtingsverkeer. Online leidt tot interactie.
Onvoldoende lokale kennis
Maar hoe staat het met onze lokale politici, actief in gemeente of provincie? Uit onderzoek in 2009 blijkt dat heel wat lokale politici amper online middelen gebruiken voor hun politieke werk. Weblogs, websites, sociale media: het gaat hen meestal voorbij. Vanwege een gebrek aan kennis? Geen tijd? Geen zin?
Uit
de masterthesis van Katrijn Everaerd (Everaerd, K., Politiek 2.0. Het
gebruik van ICT door lokale politici, Masterproef Bestuurskunde en
publiek management, Hogeschool Gent) blijkt dat lokale politici vaak
niet voldoende weten over welke kanalen ze kunnen beschikken om te
dialogeren met hun kiezers. Facebook ligt binnen handbereik, webloggen
en websites worden al heel wat minder ingezet.
Welke online communicatiemiddelen gebruiken lokale politici?
- Website: typisch het jong mannelijk raadslid , uit een stad van meer dan 50.000 inwoners
- Blog: idem, gemiddelde leeftijd iets ouder
- Online discussieforum: praktisch niet gebruikt
- E-mail en sms: typisch voor leden van het CBS
- Sociale netwerksites: typisch het jong mannelijk raadslid , uit een stad van meer dan 50.000 inwoners
Kennis opdrijven
Kennen is de voorwaarde voor kunnen. Aan het gebrek aan kennis en vaardigheden hebben V-ICT-OR, Vormingplus Zuid- en Midden-West-Vlaanderen en Intercommunale Leiedal willen verhelpen met een driedaagse cursus e-politiek. Het ging om een inleiding over sociale media, de kracht van online tools en vooral een juist gebruik van die middelen. Dit werd aangevuld met een heel praktische inleiding over werken met weblogs. Met veel moeite vonden de initiatiefnemers een groep van tien cursisten. Drie van hen zijn intussen gestart met een weblog, niet toevallig de meest politiek actieve, gemotiveerde en mondige cursisten. Een paar maanden later is nog één van hen, een schepen, actief.
Sessie 1 - Kennismaking met web 2.0
Tijdens de eerste cursusavond kwam web 2.0 aan bod, als cluster van internettoepassingen waarbij interactie centraal staat. In een tour d'horizon werd getoond hoe teksten, beelden, foto's en filmpjes door duizenden mensen worden gemaakt en uitgewisseld. In het tweede gedeelte van de avond trokken we naar een computerruimtewaar elke deelnemer een eigen weblog opstartte.
Sessie 2 - E-politiek in de praktijk
Heel wat politici in binnen- en buitenland zijn al actief met websites, nieuwsbrieven, weblogs en facebook en andere sociale netwerken. Hoe gaat het er aan toe? Via een overzicht van goede en de minder goede voorbeelden discussieerden we met de groep over wat zinnig en minder zinnig is. Ook nu weer trokken we naar de computerruimte en vulden we de weblog verder aan met tekst, foto's, links. De deelnemers formuleerden een standpunt op je weblog.
Sessie 3 - Projecten en interactie
Grote projecten in de openbare ruimte trekken vaak veel aandacht. Burgers organiseren zich in actiecomités en communiceren actief. Hoe gaat dat in zijn werk? Wat kunnen we leren uit binnen- en buitenlandse voorbeelden? En hoe ga je daar als e-politicus mee om? Opnieuw de voorbeelden bediscussieerd in de groep.
Authenticiteit primeert
De
inhoud van de cursus bracht cursisten er toe na te denken over de
inhoud en de methode van hun politieke praktijk. En dit leidt tot de
kern van e-politiek: politiek. Politiek bedrijven gaat om het vertalen
van lokale noden naar een lokaal beleid. Een politicus is dus idealiter
iemand die zich laat inspireren en beïnvloeden door zijn of haar
leefomgeving, zaken naar een hoger niveau tilt met het algemeen belang
tot doel, en die dit alles nog eens weet te vertalen naar kiezers,
achterban, andere beleidsmakers en wie nog meer. Geen makkelijke klus.
En daar knelt vaak het schoentje. Geef mensen onvoorbereid
communicatiemiddelen in handen, en hun onkunde wordt eigenlijk veelal
versterkt door dit medium.
Neem een Facebookend lokaal politicus
die zes jaar lang zijn kennissen onderhoudt over zijn hobby's en
privé-leven, zonder noemenswaardige standpunten in te nemen over lokale
dossiers. Neem je die ernstig als het verkiezingen zijn? Of politici
met slapende websites, die plots een paar maanden voor de verkiezingen
actief worden. Dan weet je toch als burger dat je als kiesvee wordt
beschouwd voor de duur van de campagne?
Dit gebrek aan
authenticiteit, het niet leggen van een correcte link tussen politieke
praktijk en communicatie, zal de politicus die ondoordacht gebruik
maakt van e-tools zuur opbreken: sneller nog dan met klassieke media
wordt het voor de burger duidelijk welk vlees die in de kuip heeft.
Want die burger is beter gewapend dan vroeger. De burger boekt een restaurant op basis van recensies van medeburgers. Als de maaltijd niet bevalt laat die burger het ook meteen weten. Publiek. Online. Transparant. Reizen boeken of boeken kopen: het gebeurt allemaal op het internet. Gebruikers reageren, recenseren. Met politiek het zelfde: online aanwezigheid creëert een vorm van kwetsbaarheid die samen gaat met transparantie.
E-politiek als kans
Voor
die politici die op dossiers werken en die mooi weten te vertalen is
e-politiek een droom. Vroeger was je als schepen of raadslid
afhankelijk van je eigen netwerk en van de lokale journalistiek. Die
lokale pers is door jarenlange besparingen en inhoudelijke verschraling
niet in goede doen, en brengt lokale dossiers in beeld mits voldoende
spektakelwaarde. Online media geven politici de kans om bijkomende
kanalen te gebruiken om de boodschap tot bij de burger te brengen.
E-politiek brengt de lokale politicus een resem communicatietools om niet enkel een boodschap te brengen, maar er ook nog eens reactie op te krijgen. Enkele zeldzame voorbeelden tonen hoe een raadslid zijn interpellaties voorbereidt door zijn standpunt eerst te bloggen, de eigenlijk interpellatie aan te scherpen met de reacties die intussen zijn verzameld, en na de gemeenteraad ook meteen verslag te doen van het politieke werk dat geleverd is. Daar had je vroeger wel een heel goeie relatie met de lokale pers voor nodig. Een e-politicus kan dit politieke werk ongefilterd doen. Maar de enige voorwaarde is: authenticiteit.
De nabijheid van de macht staat daar soms in spanning mee, merkten sommige deelnemers op: voor
een oppositielid is het makkelijker online te communiceren dan voor een
lid van de meerderheid, voor een gemeenteraadslid is het makkelijk
online te communiceren dan voor een lid van het college.
Moet iedereen nu op Facebook ? En moet iedereen nu aan het bloggen slaan?
Mensen
verwachten meer dan ooit informatie over wat lokaal gebeurt. Mensen
willen mee praten, mee discussiëren. dat vereist een volwassen houding.
Van de politicus, én van de burger. Het beeld is elk lokaal politicus
wel bekend: de open volksvergaderingen over wegeniswerken of andere
buurtproblemen. Veelal moet je even door het geweeklaag over kapotte
trottoirs en verstopte regenputjes voor je de eigenlijke dossiers kan
bespreken. Maar dat is dan ook weer het mooie aan online tools: het
zelfregulerende. Op de volksvergadering kijken de mensen even naar
buiten of naar hun voeten als hun verzuurde buur aan het klagen slaat.
Op een forum krijg je als onredelijk mens iets sneller lik op stuk.
Zeven tips voor de (beginnende) e-politicus
Uiteindelijk kwamen we tot een zevental vuistregels waar je best rekening mee kan houden als e-politicus. We zetten ze even op een rijtje.
1/Ken jezelf en kies je kanalen: via een paar eenvoudige vragen ontdek je als politicus welk (online) kanaal het beste bij jou past.
Communiceer je liever
- ‘kort en vaak' versus ‘uitgebreid en af & toe'?
- één op één versus veel op veel?
- via woord of via beeld?
- Alleen of in groep?
- hou je het liever sec of breng je een mix van grappig en serieus?
- Hoeveel tijd wil je erin stoppen?
2/(Ver)ken je omgeving, ook digitaal: Waar zitten de mensen? Ken je de blogs van je omgeving? Ken je de facebook-fanaten in je omgeving?
3/Wees niet bang van input. Wees niet bang van die reageerknop. Waardevolle ideeën die je als raadslid kan gebruiken kan je online sprokkelen.
4/Leer er mee werken. Kijk hoe anderen het doen: in december 2009 maakte Eric Goubin (Memori) bijvoorbeeld een lijstje van lokale politici die het goed doen online:
- Kristl Strubbe
- Saïd El Khadroui
- Jef Verschoore
- Bart Staes en Cas Vandertaelen
5/Het leven is meer dan politiek alleen: Veel politici maken op Facebook of op hun blog ook plaats voor anekdotes uit het dagelijkse leven of voor andere interesses (bvb heemkunde, toneel,...).
6/Maak zelf het nieuws : gebruik beelden. De evolutie van de nieuwe media plaatsen audio, video en fotografie binnen het handbereik van iedereen. Het zijn tools die je als politicus kunt gebruiken om situaties aan te kaarten en op de agenda te plaatsen. Zo gebruikte een gemeenteraadslid videobeelden van de slagschaduw van windmolens om de gemeenteraad van zijn standpunt te overtuigen. Met succes.
7/Communiceer ook buiten de campagne. Een online netwerk uitbouwen kost tijd. Vrienden maken via online netwerken als de campagne start, is geen goed idee en levert je eerder schampere reacties op. Investeren in een netwerk is een werk van lange termijn.
Auteurs:
- Bart Noels is stafmedewerker e-government bij Intercommunale Leiedal
- Peter Hautekiet is stafmedewerker bij V-ICT-OR (Vlaamse ICT Organisatie vzw)
De cursus e-politiek werd georganiseerd in partnerschap met Vormingplus Midden- en Zuid-West-Vlaanderen

