Intercommunale Leiedal

REKOVER+

Openbaar vervoer (opnieuw) als drager voor de ontwikkeling van de regio Kortrijk

Regio Kortrijk & Openbaar Vervoer, het leest als een moeilijk verstandshuwelijk, maar tot kort na W.O. II beschikte deze regio over het zowat dichtste net van spoorwegen en buurtspoorwegen van Vlaanderen of zelfs daarbuiten. Door de naoorlogse exponentiële groei van de automobiliteit werd het openbaar vervoer teruggedrongen tot een vervoersmiddel voor een minderheid.

Verkeerscongestie

Maar ook in de regio Kortrijk wordt koning auto stilaan slachtoffer van zijn eigen succesverhaal. De verkeerscongestie neemt ook in deze streek steeds meer toe en bedreigt de optimale bereikbaarheid als belangrijke economische troef voor deze regio. En het gemotoriseerd verkeer blijft een grote bron van milieuvervuiling, verkeersonveiligheid en -onleefbaarheid.  Alternatieve vervoersmiddelen zoals openbaar vervoer kunnen hierop een duurzaam antwoord bieden. Zoals dit reeds het geval is in vele Europese steden en regio’s, kan ook in de regio Kortrijk sterker worden ingezet op openbaar vervoer om nieuwe stedelijke ontwikkelingen te ondersteunen.

Strategisch project

De Vlaamse overheid organiseerde begin 2012 een oproep voor aanvragen strategische projecten gericht op het thema 'stadsregio's' met het oog op een vernieuw(en)de aanpak van stedelijke gebieden in stadsregionaal perspectief. De intercommunale Leiedal heeft hierop ingespeeld en in oktober 2013 werd het strategisch project ‘REKOVER’ opgestart. 

Met dit project wil Leiedal het debat aanwakkeren voor een duurzame ontwikkeling van de regio Kortrijk, zoals dit ook voorzien wordt in het nieuwe streekpact. Het strategisch project ‘REKOVER’ wil enerzijds het openbaar vervoer op schaal van de regio Kortrijk optimaliseren en anderzijds de bestaande en nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen (en in het bijzonder regionale, stedelijke functies) enten op dit regionaal openbaar vervoersnetwerk. Door in te spelen op beide doelstellingen kan een win-win-situatie ontstaan in functie van de duurzame ontwikkelingsperspectieven op vlak van mobiliteit én ruimtelijke ordening. 

Spoorrapport regio Kortrijk

Er werd een regionale visie opgemaakt voor het toekomstig treinaanbod in de regio Kortrijk. Op 14 december 2014 lanceerde de NMBS een nieuwe dienstregeling volgens haar nieuwe vervoersplan, dat in principe geldig is voor de volgende drie jaar. In het spoorrapport streven we naar een strategische alliantie tussen de betrokken besturen en wensen we zo meer impact te verkrijgen naar toekomstige vervoersplannen van de NMBS. We formuleren enkele concrete voorstellen om het treinaanbod op korte termijn te optimaliseren en op langere termijn te verhogen. Bekijk het spoorrapport hier.

 

 

Visie regio Kortrijk en openbaar vervoer

Er werd een nieuwe visie opgemaakt voor het openbaar vervoersnetwerk in de regio Kortrijk.Het is de bedoeling dat het basisnetwerk van REKOVER structurerend zal zijn voor de toekomstige ruimtelijke ontwikkelingen, waaronder de verdere uitbouw van de stationsomgevingen en de regionale hubs (dit zijn randstedelijke gebieden zoals Hoog Kortrijk). Het basisnetwerk van REKOVER legt de relatie tussen deze voor de regio cruciale plaatsen.

Bekijk de visie hier:

Strategisch project REKOVER+

Leiedal geeft een vervolg aan dit strategisch project via REKOVER+. Dit project richt zich op het vervolledigen en verankeren van de ruimtelijke visie voor de regio Kortrijk en focust op de realisatie van concrete ruimtelijke deelprojecten in relatie tot de visie regio Kortrijk & openbaar vervoer.

Hierbij beogen we zowel enkele strategische stationsomgevingen op de verstedelijkte Leielijn (nl. Wervik, Menen, Wevelgem, Kortrijk, Harelbeke en Waregem), als ook enkele “regionale hubs”, zoals Hoog Kortrijk, Kortrijk-Oost en de omgeving van de luchthaven Kortrijk-Wevelgem.

 

Eind 2015 keurde Joke Schauvliege, Vlaams minister van Omgeving, Natuur en Landbouw, het aanvraagdossier van het strategisch project REKOVER+ goed. Dankzij de Vlaamse subsidies kan Leiedal dit project drie jaar langer coördineren en zo bijdragen aan de uitvoering van het Vlaamse ruimtelijk beleid.